Gedachten

Wortelen


Als ik uit het raam van mijn werkkamer kijk dan zie ik deze boom. Hij (zij?) is nog jong, maar ogenschijnlijk goed geworteld in deze door mensen ingerichte polder. Nu nog naakt kijk ik door de takken naar de slaapkamers van de kinderen van de overburen. Met een paar maanden mag zij (hij?) weer bladeren laten groeien.

Als ik zoek naar het volgende woord kijk ik over mijn beeldscherm naar de top die altijd wel wat wiebelt. We zien elkaar nu iets minder dan een jaar dagelijks. Toch duurt het nog wel enige seizoenen voor we elkaar echt kennen. Beide groeien we langere wortels in deze polder. Met een jaar of tien voorsprong hoop ik dat ik uit zijn (haar?) ervaring mag putten.

0

Blijven praten, blijven luisteren

Vijfenvijftig jaar na zijn doodsvonnis is het vonnis toch nog voltrokken. Stephen Hawking is overleden. Niemand is onverwoestbaar, zelfs Hawking niet. In de Britse pers wordt veel over hem geschreven vandaag. The Guardian verzamelde wat van zijn quotes. Als communicatiefilosoof viel mij deze op:

“For millions of years, mankind lived just like the animals. Then something happened which unleashed the power of our imagination. We learned to talk and we learned to listen. Speech has allowed the communication of ideas, enabling human beings to work together to build the impossible. Mankind’s greatest achievements have come about by talking, and its greatest failures by not talking. It doesn’t have to be like this. Our greatest hopes could become reality in the future. With the technology at our disposal, the possibilities are unbounded. All we need to do is make sure we keep talking.”

Blijven praten. Gaan we doen, Stephen! Ik voeg daar aan toe: blijven luisteren. Misschien in het tijdperk van ongebreideld praten online nog wel veel belangrijker dan ooit.

Gelukkig hebben we de beelden nog. Even nagenieten van het interview van John Oliver met Hawking (2014):

0

Fry en een beetje Van Dis

Ik bewonder Stephen Fry. Hij is een goede verhalenverteller, heeft veel kennis, is gegrepen door de komst van het internet (net als ik), en is ook nog een goede leraar. Dankzij ‘The Ode Less Travelled‘ heb ik veel over jamben, metrum, ballades en alle andere klassieke vormen van poëzie geleerd. Zijn fascinatie voor taal en taalkunst lees je terug in elke bladzijde. En ‘Making History‘ heeft tot nu toe elke opruimactie overleefd en staat nog steeds in mijn (nieuwe) boekenkast.

Van Dis interviewde Stephen Fry voor een speciale aflevering van DWDD, om het begin van een nieuwe boekenweek te vieren. Het had veel tijd gekost om het interview te regelen, vertelde Van Dis eerder. Het is dus een klein wonder dat het gelukt is Fry aan tafel te krijgen bij Van Dis.

Een interview werd het niet. Van Dis opende het gesprek met een vraag en Fry begon te vertellen. Zeer de moeite waard om het gesprek terug te kijken en zo nader kennis te maken met de schrijver Fry.

0

Hoeveel aannames kun je verpakken in één zin?

Soms hoor je iemand iets zeggen en denk je: hè? Zo zag ik afgelopen vrijdag geheel toevallig een interview in Nieuwsuur met een oud-voorzitter van de NRA, de vereniging voor wapenbezitters van de VS. In reactie op een voorstel om de minimumleeftijd voor het aanschaffen van een vuurwapen van 18 naar 21 jaar zegt hij:

Many Americans, women in particular, out of the home, are living on their own and need firearms for self-defense before 21 (Nieuwsuur, 2 maart 2018, 36:06-36:40)

Wat weet deze man een boel aannames te verpakken in één luttele zin:
1. De wereld buiten je huis is onveilig;
2. Je kunt de mens niet vertrouwen;
3. Je moet buiten de deur dus altijd voorbereid zijn op onheil en een wapen bij je te dragen;
4. De vrouw is een kwetsbare soort;
5. Vrouwen zijn buiten de deur niet veilig;
6. Vrouwen kunnen zich alleen met een vuurwapen verdedigen;

Ik ga maar eens even een luchtje scheppen buiten op straat. Gewapend met een huissleutel, een fototoestel en een glimlach voor ieder mens dat ik tegenkom.

0

Waarom we verhalen van vrouwen niet serieus nemen

The Guardian publiceerde gister een interessant essay van Lili Loofbourow. In het essay legt Loofbourow uit dat we vrouwenverhalen met een andere blik bekijken dan mannenverhalen. En dat het tijd is hier mee op te houden, omdat we daardoor parels over het hoofd zien. In één van de laatste alinea’s maakt ze de vergelijking met het fenomeen selectieve aandacht dat een aantal jaar geleden viraal ging:

If male-centric plots are the players in white shirts, if we are told that the bouncing balls are the only plots worth following, how many dancing gorillas did we miss while we were counting?

Een vergelijking die hout snijdt.

Het is een lang artikel, maar zeer de moeite van het lezen waard.

0