Posts Tagged facebook

Wie het emotionele verhaal vertelt wint

Je staat op het punt te beginnen aan een lang artikel dat het resultaat is van twee weken onderzoek en schrijfwerk. Voor dit artikel onderzocht ik de inhoud van een specifiek bericht dat zich wijd verspreidde op Facebook. Ik wilde weten wat er waar was in dit bericht en wie het schreef. Tijdens de zoektocht dompelde ik mij onder in een wirwar van websites die naar elkaar verwijzen, elkaars valse argumentatie overnemen en zo een politieke discussie proberen te winnen. Met hun valse argumentatie brengen ze een bedrijf en de overheid in diskrediet. Mijn conclusie aan het eind is dat het emotionele verhaal wint, ook als het niet waar is. Het goede nieuws is dat je je wel kunt immuniseren tegen nepberichten. Hoe dat werkt lees je helemaal aan het eind. Nu neem ik je eerst mee naar de publicatie waar mijn zoektocht begon.

‘Whoever tells the best story wins’ is een van de titels die in mijn boekenkast staat. Het is een (goed) boek van Annette Simmons over de kracht van het gebruik van verhalen om een ander mee te krijgen in jouw overtuiging. Vlak naast dit boek staat Made to Stick, van de gebroeders Heath. Waar zij op wijzen is dat een verhaal met emotionele lading beter blijft plakken dan een feitenrelaas. Na het lezen van een wetenschappelijk artikel waarin Facebook berichten over HPV vaccinatie in de VS worden geanalyseerd, kon ik de volgende variatie op Simmon’s boektitel niet meer uit m’n hoofd krijgen: ‘Whoever tells the emotional story wins’.

Het artikel dat ik las heet ‘From bad to worse: The representation of the HPV vaccine on Facebook‘. De onderzoeker, Monique Luisi, verzamelde zoveel mogelijk posts die over HPV vaccinatie gingen in tien jaar tijd (2006-2016). Daar deed ze een analyse over en kwam tot de volgende conclusies:

  • De meerderheid van de berichten was negatief ten aanzien van HPV vaccinatie, hoewel daadwerkelijk advies geven voor of tegen vaccinatie meestal niet werd gedaan;
  • Berichten welke negatief waren van toon kregen significant meer reacties, commentaren en werden meer gedeeld;
  • De meeste positieve berichten kwamen van Facebook pages, de meeste berichten die negatief van toon waren kwamen van persoonlijke profielen;
  • Visuals werden niet zoveel gebruikt, maar wel veel links naar andere bronnen;

Deze onderzoeksresultaten bevestigen eigenlijk wat ik al weet over welke verhalen zich makkelijk verspreiden. Het negatieve overheerst, want dat is nieuwswaardig. Als het persoonlijker is dan geloven we het sneller. Als een verhaal heel veel emotionele lading heeft voelen mensen zich sneller aangesproken (en zullen er dan dus sneller op reageren en delen met anderen). 

De onderzoeker lichtte er in haar onderzoek één bericht uit dat buitenproportioneel veel aandacht genereerde. Waar de meeste berichten helemaal geen reacties kregen, kreeg dit bericht 11K (11.000) reacties, 6,1K (6100) commentaren en werd 329K (329.000) keer gedeeld. Een screenshot van het bericht voegde ze bij. 

Hoe emotioneel en persoonlijk wil je het hebben? Ze vermoorden onze dochters, 1 op de 912 uit de studie naar middel X van bedrijf Y zijn overleden, en dat allemaal om 1 op de 40.000 doden te redden. Om het af te maken foto’s van jonge meiden van wie het leven is gestolen. Als je het zo opschrijft, dan wil natuurlijk niemand zich laten inenten.

De onderzoeker gaat niet verder op de inhoud van dit bericht in, maar het maakte mij nieuwsgierig. Mijn ervaring met zulke sterk emotionele oproepen en waarschuwingen is dat ze de feiten meestal niet zo nauw nemen. Dat wilde ik bij dit bericht ook verifiëren. Ik dook de zoekmachine in met de vraag: wat is waar in dit verhaal? 

Twee mededelingen vooraf: 

  • Ik verwijs in dit artikel naar veel andere websites. Sommige van deze websites publiceren, bewust of onbewust, halve waarheden en leugens. Ik wil deze websites niet met verkeer voeden. Het is voor het begrijpen van dit artikel echter wel noodzakelijk de inhoud ervan te raadplegen. Ik link daarom niet direct naar die websites, maar naar snapshots van die websites in het Internet Archive zoals ik ze op het moment van onderzoek voor dit artikel heb gezien. Het nadeel is dat Internet Archive niet heel snel laadt, dus heb wat geduld. Het voordeel van op deze manier linken is dat de links blijven werken, ook in de verre toekomst. Mits archive.org in de lucht blijft natuurlijk.
  • Voor de namen van organisaties, websites en personen die voorkomen in dit verhaal gebruik ik initialen. Het gaat mij niet om de individuele spelers, maar om het spel. Dit is een voorbeeld dat toevallig op mijn pad kwam en waarvan ik besloten heb er onderzoek naar te doen. Ik gebruik het voorbeeld slechts om inzichtelijk te maken hoe clusters van websites met een bepaalde levensvisie naar elkaar verwijzen, argumentatie van elkaar overnemen en hun verhaal een emotionele lading meegeven om gehoord te worden.

Het oorspronkelijke artikel vinden.

Er staan meerdere aanwijzingen in het screenshot: het is een bericht uit 2014, de naam van de Facebook pagina, de titel van het artikel, de naam van de auteur, de voornaam van het overleden meisje, de naam van de moeder, de naam van de vaccinatie en de naam van het bedrijf dat de vaccinaties produceert. Genoeg aanwijzingen om mee aan de slag te gaan. 

Eerst maar eens CT, de Facebook pagina die het bericht deelt. Als ik naar die Facebookpagina zoek dan blijkt deze nog te bestaan. Ik zie dat de pagina zich op het moment van schrijven (7 juli 2020) vooral richt op vaccinaties (’the truth about vaccines’). Er staat een foto met een verwijzing naar de bijbel (‘Jeremiah 17:14’) en zie ik dat 273.530 mensen deze pagina volgen. De toon richt zich vooral tegen het ontnemen van ‘health freedoms’.  Deze Facebook pagina hoort bij een website die zegt mensen te willen onderwijzen over ‘de waarheid over kanker’. Nieuwsberichten op deze site gaan over COVID-19 samenzweringen, gezond fruit om kanker te bestrijden, en de ‘vuige geschiedenis van vaccinaties’. Bij deze website hoort ook nog een andere Facebook pagina met dezelfde naam als de website, met 1.154.160 volgers op 7 juli 2020.

Dan het artikel waar in dit bericht naar wordt verwezen. Met de combinatie van titel en auteursnaam kom ik via DuckDuckGo terecht bij de website CSS. In het Nederlands zou het zoiets als ‘de gezond verstand-show’ heten. Het blijkt een website met veel berichten geschreven door een en dezelfde auteur. Duidelijk iemand die heel betrokken is bij het nieuws. Dit is een snapshot van de berichten die hij over ‘Health’ publiceerde. Ik kom er ook achter dat de auteur van deze website veel video’s op Youtube plaatst. Hij heeft daar een publiek van 158K abonnees.

Terug naar het artikel van CSS waar in de Facebook post naar verwezen wordt, en dat de aanleiding is voor mijn zoektocht. Ik ga het artikel nalopen op de uitspraken die er in worden gedaan, probeer deze te toetsen aan de hand van de bronnen die genoemd worden en probeer ontbrekende bronnen op te zoeken. Aan het eind van mijn zoektocht zal ik de balans opmaken: wat is waar in dit verhaal?

Het meisje dat plotseling overleed

De datum bij het artikel is 17 september 2013. Het is dus geschreven een half jaar voordat het op Facebook werd gedeeld. Het artikel opent met een quote. ‘Ik zou willen dat iemand me had gewaarschuwd voor dit vaccin, dan zou mijn dochter nog bij ons zijn’ is de strekking van de quote. De eerst zin die CSS schrijft is: volgens de moeder van dit meisje, achttien jaar oud, is haar dochter vermoord door de producent van het vaccin. De bron waar dit artikel naar verwijst is een website geschreven door een ouder die een geïnformeerde beslissing wilde maken voor het vaccineren van hun dochter. Dit artikel zelf geeft geen bron van dit verhaal. Waar dit verhaal van de moeder oorspronkelijk is gepubliceerd weet ik niet, maar ik vond na zoeken op de naam van de moeder van het overleden meisje wel een artikel in de lokale pers. Het blijkt om een meisje van achttien uit Nieuw-Zeeland te gaan dat plotseling overlijdt, een half jaar na het ontvangen van de laatste van drie HPV vaccinaties. De moeder is er volledig van overtuigd dat de dood van haar dochter door het vaccin is veroorzaakt. Ze heeft uiteindelijk zelfs hersenweefsel laten onderzoeken voor een rechtszaak. De experts tonen aan dat er HPV en aluminium aanwezig is (weet dat aluminium in vaccins vaak wordt aangewezen als de veroorzaker van ziektes door mensen die tegen vaccinatie zijn), maar zeggen ook dat de aanwezigheid ervan niet bewijst dat er een link is tussen het vaccin en het overlijden van de jonge vrouw. Kortom, er is dus inderdaad een meisje overleden waarvan niet met zekerheid is vast te stellen wat de oorzaak van haar dood is. De moeder van het meisje is er van overtuigd dat het het vaccin geweest moet zijn. 

In het artikel van CSS wordt het verhaal van deze moeder slechts gebruikt als inleiding om vermeende misstanden rondom dit vaccin aan de kaak te stellen. Al in de eerste zin wordt het bedrijf dat de vaccins produceert beschuldigd van moord. De derde zin verwijst naar een patroon dat dit steeds gebeurt en naar de ‘all-to-deadly’ resultaten van dit vaccin. Er wordt ook een claim gedaan dat het bedrijf zes miljoen moet uitkeren aan een andere ouder. Voor deze uitspraak geeft de auteur geen bronmelding. Pas laat in mijn zoektocht stuit ik eindelijk op een artikel in TWT waarin dit bedrag genoemd wordt. Deze nieuwssite is naar eigen zeggen in 1982 opgericht als een betrouwbaar tegenwicht tegen de mainstream media om lezers buiten de ‘Capital Beltway’ te representeren door Amerikaanse waarden te promoten, te weten vrijheid, geloof en familie.  Volgens dit rapport stond in 2018 deze website op plek tien in een ranking op basis van consumentenvertrouwen in de VS. De helft van de Amerikanen vindt dit een betrouwbare nieuwsbron.

De bron die TWT noemt voor het feit dat er 6 miljoen dollar aan claims is toegekend aan slachtoffers is JW. Helaas linkt TWT niet naar het bericht van JW waarin ze dit nieuws aankondigen, maar alleen naar de hoofdpagina op de website. Daarom moest ik zelf zoeken op de pagina van JW. Via de naam van het vaccin kwam ik uit bij dit bericht, waarin inderdaad verwezen wordt naar documenten van het VICP, het vaccinatieprogramma compensatieprogramma. JW heeft een PDF gedeeld via Scribd als bronmateriaal, maar daar moet je een (betaald) account hebben om het volledig te kunnen zien of downloaden. Wat zonder inloggen zichtbaar is van het document is een tabel met cijfers gerelateerd aan HPV vaccin en het totaalbedrag toegekend. Er wordt geen specifieke naam van een vaccin genoemd en het lijkt alsof de datum van dit document er later aan toegevoegd is (het is scherper en in een ander lettertype dan de rest van het document). Ik kan het document verder niet bekijken en dus ook niet verder beoordelen op betrouwbaarheid, eenzijdige rapportage of context waarin deze cijfers worden genoemd.

Nu ik het toch over JW als bron heb, lijkt het me goed deze eens nader te bekijken. Het is namelijk ook de eerste bron waar CSS naar verwijst in zijn bewering dat het vaccin onveilig is. 

Bron: JW

JW heeft een website waar veel nieuwsberichten staan. Hun missie statement: “[JW] is a conservative, non-partisan educational foundation, which promotes transparency, accountability and integrity in government, politics and the law.” ‘Want niemand staat boven de wet’ is de ondertitel van hun naam.
Dit is een snapshot van de voorpagina om je een idee te geven van de onderwerpen waar deze organisatie over schrijft.

CSS verwijst naar een rapport uit 2008 gepubliceerd door JW. Het is een keurig opgemaakt document met de ondertitel dat het uiteenzet hoe het goedkeuringsproces ging, welke bijwerkingen er zijn, welke zorgen rondom veiligheid er zijn en welke marketing technieken toegepast zijn in een grootschalig bevolkingsgezondheidsexperiment. Wat staat er in dat rapport uit 2008? Veel. Het is vierentwintig pagina’s lang. De auteurs van het rapport beweren zich te baseren op documenten die ze van de FDA (Food and Drug Association) hebben ontvangen, waaronder alle VAERS rapportages. Wat de auteurs niet verschaffen in dit document is een link naar deze FDA-documenten (naar eigen zeggen duizenden pagina’s). 

Een van de conclusies in het rapport is dat het vaccin HPV infectie kan voorkomen, niet kan genezen. Dat is een correcte conclusie, want een vaccin is altijd ter voorkoming van besmetting, niet ter genezing. Toch wekken de auteurs van het rapport de suggestie dat dit problematisch is (p.4), omdat ze stellen dat veel vrouwen al HPV hebben zonder dat ze het weten. 

Vervolgens betogen de onderzoekers dat er een groot probleem is in de studie naar de werking van het vaccin dat onderbelicht blijft. Het lijkt er namelijk op dat vrouwen die al (een variant van) HPV hebben, na vaccinatie een grotere kans hebben een ziektebeeld passend bij HPV infectie te ontwikkelen dan op basis van toeval verwacht mag worden.

Deze claim baseren ze op twee bronnen. Ten eerste op rapportages in VAERS. VAERS is een afkorting voor Vaccine Adverse Event Reporting System. Het is een instituut waar iedereen bijwerkingen van vaccins kan melden en het programma wordt beheerd door de Centers for Disease Control en de FDA. Je kunt het vergelijken met Lareb in Nederland. Om vroege signalen van verkeerde uitwerkingen van vaccinaties op het spoor te komen, kan iedereen een melding doen. Als jij denkt dat je een bijwerking hebt, dan kun je een formulier invullen en opsturen (digitaal en analoog). In de VS is dat dus VAERS. De meldingen in VAERS zijn doorzoekbaar en downloadbaar.  Echter, voordat je kunt zoeken moet je twee keer akkoord gaan met een disclaimer. De disclaimer zegt dat de data gerapporteerd in VAERS incompleet, onjuist, toevallig en ongeverifieerd kunnen zijn. Je mag uit de gegevens uit de VAERS database geen conclusies trekken over aantallen en soort bijwerkingen die vaccins hebben. Dit is logisch, want elk individu kan een melding doen, zonder tussenkomst van een neutrale beoordelaar. Ondanks deze disclaimer bij het gebruik van de data uit VAERS quoten de auteurs van dit rapport een aantal meldingen over het betreffende vaccin.

De quotes die ze uitkozen ondersteunen het verhaal van de auteurs van dit rapport dat een deel van de deelnemers aan het onderzoek een grotere kans maakten ziekteverschijnselen te ontwikkelen. In het geval van de anekdotes gaat het om hardnekkige wratontwikkeling, pas ontstaan ná vaccinatie.

De auteurs citeren vervolgens uit een VRBPAC Background Document van 18 mei 2006:

“A chart in the committee’s report revealed that efficacy in subjects already exposed to “relevant HPV types” had an observed efficacy rate of -44.6%. The disturbing efficacy rate raises questions as to who should be receiving the vaccine, and why the FDA allows Gardasil to be administered without prescreening for HPV. The outcomes that can result from pre-exposure are disconcerting and deserve far more attention.”

Zoals geciteerd in rapport van JW, pp. 5-6

De werkzaamheid van het vaccin is bij deze groep -44,6%, oftewel het aantal ziekteverschijnselen binnen deze groep vergroot met 44,6%. Alarmerend inderdaad als je dit leest.

Ik heb daarom ook maar even in het desbetreffende document gekeken (gelukkig stond hier wel een bronvermelding bij). De link is niet meer actueel, maar Internet Archive heeft een kopie). Ik vond de betreffende passage op pagina 13. In dit document wordt dit zorgelijke feit vervolgens uitgebreid besproken. De conclusie is dan vervolgens:

“Therefore, while the subgroup from study 013 remains a concern of the clinical review team, there is some evidence that this represented an unbalanced subgroup where [vaccine] recipients at baseline had more risk factors for development of CIN 2/3 or worse.”

Bron, p. 15

Er is één subgroep in de klinische studie (studie 013) die deze onverwachte resultaten lijkt te veroorzaken. Deze subgroep lijkt al voor vaccinatie een groter risico te hebben gelopen op ziekteontwikkeling. Deze nuancering in het document van de FDA wordt in het rapport van JW niet genoemd. 

Hierna leggen de auteurs de focus op aluminium en de bijwerkingen die deelnemers aan het onderzoek ondervinden van een placebo met aluminium versus een placebo met zoutoplossing. Dan volgen er citaten van een directeur van de producent die besproken worden en meer VAERS meldingen die volgens de onderzoekers aantonen dat het vaccin toedienen in combinatie met andere vaccins ernstige gezondheidsgevolgen kan hebben. Nogmaals, VAERS meldingen zijn niet geschikt om conclusies aan te verbinden.

Er is een heel hoofdstuk gewijd aan de kosten voor het vaccin. Deze zouden buitenproportioneel zijn. Niet alleen voor dit vaccin, maar voor het hele vaccininatieprogramma van de overheid zouden de kosten de pan uit rijzen. Uiteindelijk ‘moet de belastingbetaler dat natuurlijk betalen’.

Onder het kopje Safe and Effective? worden uiteindelijk nog meer VAERS meldingen geciteerd. Ondanks dat de onderzoekers nu ook zelf de disclaimer opschrijven dat je geen conclusies mag verbinden aan deze meldingen, doen ze dat toch. Sterfgevallen die gemeld zijn in VAERS worden behandeld. Ondertussen wijzen ze ook nog even op een ander geneesmiddel van dezelfde producent dat in 2002 (vrijwillig) van de markt is gehaald, omdat er een verhoogd risico bleek te zijn op hart en vaatgerelateerde aandoeningen zoals hartaanval en beroerte.

In de analyse en conclusies van het rapport van JW schrijven de onderzoekers dat de gevolgen van HPV niet moeten worden overdreven. In veruit de meeste gevallen lost het lichaam het zelf op en als er toch verkeerde cellen ontstaan dan is dat makkelijk te verhelpen in de allereerste stadia. Een uitstrijkje maken blijft hoe dan ook nodig. Aangezien er nog zoveel onduidelijk is over de veiligheid van het vaccin, zoals de duur van de bescherming, de potentiële (zeer ernstige) bijwerkingen, is dan ook de conclusie in dit rapport dat het niet verantwoord is alle kinderen verplicht te vaccineren tegen HPV. 

Op mij komt het gehele rapport over als een poging om schijnbaar objectief te beargumenteren waarom het onterecht is dat de overheid vaccinatie wil verplichten. In de genoemde referenties verwijzen ze naar één wetenschappelijk artikel. Interessant is dat de wetenschappers in deze studie juist bewijzen dat het vaccin zeer effectief is bij meisjes die nog niet besmet waren met HPV en weinig bijwerkingen heeft. De rest van de referenties zijn naar artikelen van andere websites, veel in dezelfde overtuigingensfeer als JW, links naar persberichten en vooral ook verwijzingen naar Tab A/B/etc. waarvan niet helder is waar dit naar moet verwijzen. Het kan zijn dat er oorspronkelijk bijlagen met tabellen bij het rapport horen, maar die zijn niet bijgevoegd in het document.

JW voert vooral anekdotisch materiaal aan om aan te tonen dat het vaccin niet veilig is. De studies waar het naar verwijst in het rapport, de documenten van de FDA, en een gepubliceerde klinische studie, laten juist zien dat het vaccin effectief en veilig is. 

Ik vind JW daarmee niet heel betrouwbaar als bron. Het laat cruciale informatie weg in het rapport en negeert de uitkomsten van een wetenschappelijk artikel uit een vooraanstaand Journal.

Dan naar de volgende bron die CSS noemt, een link naar een instituut.

Bron: PRI

Bij eerste binnenkomst op de website bestaat er geen twijfel over de thema’s die belangrijk zijn voor dit instituut. Leer de feiten over ‘population control’ en ‘overpopulation’, ‘climate change’ en ‘abortion’. Prominent bovenaan een oproep tot het tekenen van een petitie: ‘Stop met gebruik geaborteerde babies in COVID-19 onderzoek’. PRI is naar eigen zeggen een non-profit onderzoeksgroep met het doel om ‘de mythe van overpopulatie bloot te leggen’, ‘mensenrechtenschennis ten aanzien van populatie controle programma’s bloot te leggen’ en duidelijk te maken dat ‘mensen ’s werelds grootste bron’ zijn.

De specifieke verwijzing van CSS gaat naar dit artikel waarin een onderzoeker, Dr. D H, actief betrokken bij het onderzoek naar de werking van het vaccin, toe zou geven dat het vaccin tegen bijna helemaal niets beschermt.  Zij zou deze uitspraken gedaan hebben op de vierde Internationale Publieke Conferentie over Vaccinaties. Ik kan vooralsnog geen videoopnames of ander materiaal vinden van deze conferentie, wel een introductie video waarin de organisator een oproep doet om naar de conferentie te komen om ‘beide kanten van het verhaal van vaccinaties te horen’. Deze conferentie werd in 2009 georganiseerd door het Nationale Vaccinatie Informatie Centrum, NVIC. De missie van deze non-profit organisatie is om letsel en overlijden te voorkomen door het publiek te informeren en te lobbyen voor ‘informed consent protections’ in medisch beleid en gezondheidswetgeving. Ook staat er een verwijzing naar het recht op vrijheid van gedachten en geweten.

Terug naar de uitspraken van die onderzoeker van het HPV vaccin. Zij zou een van de schrijvers van het artikel in verwarring hebben achtergelaten, staat in het artikel. Het aantal gevallen van baarmoederhalskanker zou namelijk niet afnemen na introductie van het HPV vaccin in de VS. De vraag of het vaccin veilig is zou de onderzoeker ontweken hebben. Sterker nog, in een interview met ABC (een nieuwsorganisatie met 55,9% consumentenvertrouwen in de VS, plaats twee in de ranking in 2018) zou ze gezegd hebben dat de negatieve consequenties van het vaccineren groter zijn dan de aantallen gevallen met baarmoederhalskanker. Het oorspronkelijke artikel waarin dit citaat staat is alleen nog beschikbaar via Internet Archive, niet meer op de website van ABC. Het staat daar inderdaad. Maar ook niet meer dan dat. Wel een hoop andere uitspraken van andere artsen en onderzoekers die elkaar tegenspreken. Daarmee blijf ik als lezer in verwarring achter met betrekking tot het onderwerp. Er wordt weinig context geschetst om te beoordelen op welke vraag geantwoord is en in welke gespreksvorm deze uitspraken zijn gedaan. Voor hetzelfde geld zijn ze uit andere nieuwsberichten die uit context zijn gehaald.

Aangezien er hier niet naar bronmateriaal van de conferentie wordt verwezen, kan ik de auteurs niet controleren op eerlijke weergave van de uitspraken gedaan door Dr D H.

Wat ik wel kan controleren zijn de getallen die genoemd worden waarmee het argument wordt gemaakt hoe onveilig het vaccin is. 23 meisjes zijn overleden tijdens de klinische studies, volgens de auteurs. Vijftien van de 13.686 die het vaccin kregen. Acht van de 11.004 die de placebo met aluminium kreeg en een meisje dat een zoutoplossing kreeg overleed. Vervolgens trekken ze de conclusie dat één op de 912 meisjes uit de studie naar het vaccin overleed. Ter vergelijking noemen ze dat een op de 40.000 vrouwen overlijden aan baarmoederhalskanker. Hiermee wekken de auteurs de suggestie dat er meer meisjes overlijden door vaccinatie dan dat er aan baarmoederhalskanker zullen sterven.

Ik help je meteen uit de droom, hier wordt een statistische fout gemaakt. Uitgaande van de getallen die de auteur verstrekt, overleden er tijdens de klinische studie 0,11% meisjes uit de vaccin-groep en 0,07% uit de controle-groep. Echter, deze percentages zeggen iets over de algemene kans om te overlijden in de leeftijdsgroep tussen 9 en 45 jaar voor vrouwen en 9 tot 15 jaar voor jongens (de leeftijdsgrenzen van de deelnemers aan het onderzoek). Als je dat vergelijkt met de kans op het overlijden aan baarmoederhalskanker (0,0025%) dan maak je een valse vergelijking. Je vergelijkt dan de kans dat je overlijdt versus de kans dat je aan een specifieke ziekte overlijdt. De enige eerlijke vergelijking is het aantal ziektegevallen en overlijden tussen de groepen meten, dus placebo versus behandeling. In dit geval vergelijk je dus of er een significant verschil is tussen 0,11% en 0,07%. 

De suggestie dat de sterfgevallen tijdens de klinische studies komen door vaccinatie blijkt onjuist. De getallen haalden de auteurs van PRI uit het document dat de producent van het vaccin publiceert met daarin de cijfers met betrekking tot de klinisch studies. Deze wordt regelmatig vervangen met de meest actuele informatie. Dit is de laatste versie beschikbaar in het archief voorafgaand aan de publicatie op PRI. De cijfers genoemd door de auteurs vind ik terug op pagina 6. Wat de auteurs van PRI dan vervolgens niet opschrijven is dat de doodsoorzaak in geen van die gevallen in verband kan worden gebracht met het vaccin. Denk aan een auto-ongeluk (7 totaal), een overdosis of zelfmoord (4 totaal) en ziektebeelden die maar heel zeldzaam voorkomen bij jonge mensen, in zowel de vaccinatiegroep als de placebogroep. Interessant om te vermelden dat er twee deelnemers zijn overleden aan ‘pulmonary embolus/deep vein thrombosis’, 1 uit elke groep. Het ontstaan van bloedpropjes heb ik meermalen als argument voorbij zien komen in mijn research als gevaarlijke bijwerking. Deze resultaten uit de klinische studies onderbouwen dit argument dus niet. De meest recente versie die nu nog online staat, datum 4/2015, meldt in totaal 40 deelnemers die overleden zijn, en nog steeds maar twee aan ‘pulmonary embolus/deep vein thrombosis’.

De bijwerkingen laten weinig echte verschillen zien tussen de vaccingroep en controlegroepen. De twee meest voorkomende bijwerkingen zijn hoofdpijn en koorts in beide groepen, met een iets groter aantal in de vaccin-groep.

Als het gaat om bijwerkingen dan is het interessant om de bijsluiter van paracetamol er nog eens op na te slaan. 

De bijsluiter van mijn paracetamol, huismerk Etos

Je neemt er waarschijnlijk geen paracetamolletje minder om.

Ik heb nu twee bronnen bekeken. Het rapport van JW en de analyse van het optreden van Dr D H door PRI. Tot nu toe krijg ik de indruk dat deze twee bronnen selectief zijn in wat ze quoten en beschikbare informatie zodanig interpreteren dat het overeenkomt met hun eigen opvattingen.

De naam van Dr D H komt opvallend vaak voor. Niet alleen in de artikelen waar ik hier naar verwijs, maar ook in andere artikelen die ik heb bekeken en hier niet behandel wordt ze geciteerd. Die citaten suggereren dat ze kritisch is over het vaccin. Dat is een interessante positie voor iemand die betrokken is geweest bij het onderzoek naar het vaccin. Wie is deze onderzoeker en wat heeft ze nou echt gezegd?

De rol van Dr. D H

Er is een wikipedia pagina over deze vrouw. Daaruit kan ik opmaken dat ze op dit moment professor is aan de Universiteit van Michigan. Voorafgaand aan deze positie heeft ze aan meerdere universiteiten een aanstelling gehad en is een expert op het gebied van HPV.  In de wikipediapagina klinkt wantrouwen van Dr. D H ten aanzien van vaccineren door. In het licht hiervan is het ook interessant de discussie te lezen bij de tekst van deze pagina.

De bronnen opgenomen op de wikipediapagina leveren me nog geen link op naar de uitspraken die ik zoek. DuckDuckGo levert wel een heel ander interessant artikel op, gepubliceerd op de site SR. SR is iemand die zich sceptisch noemt en zich richt op ‘evidence-based facts’. Met een achtergrond in ‘immunology, microbiology, cell biology, biochemistry, and evolutionary biology’ zijn dat de onderwerpen waar deze auteur zich op richt.

SR heeft een artikel volledige geweid aan de uitspraken van Dr. D H. Dat komt goed uit, want daar ben ik naar op zoek. Het artikel wordt door de auteur regelmatig bijgewerkt met nieuwe informatie. De eerste versie van deze URL is van 17 oktober 2016.  Dit is de versie zoals ik hem heb gelezen. In dit artikel van SR verzamelt de auteur de uitspraken van Dr. D H, met bronvermelding.

De strekking van het artikel is dat Dr D H eenzijdig wordt gequote door auteurs met een anti-vaccinatie agenda. In basis staat de onderzoeker Dr D H achter het vaccin en achter vaccinatie, mits vrouwen en ouders van meisjes maar zelf de keuze krijgen om te vaccineren en daarbij weten dat het nog steeds nodig is om uitstrijkjes te maken.

SR linkt onder andere naar een artikel op HuffPost Contributor platform. Dat artikel betreft volgens de auteur ervan een e-mail van Dr D H waarin ze haar standpunten deelt. Dit naar aanleiding van de controverse die is ontstaan na haar uitspraken die ze onder andere op die conferentie van NVIC zou hebben gedaan. Volgens haarzelf heeft Dr D H dit gezegd op die conferentie:

“The rate of serious adverse events reported is 3.4/100,000 doses distributed. The current incidence rate of cervical cancer in the United States is 7/100,000 women. This is what I said.”

Zo werd het niet opgeschreven in het artikel van PRI.

SR komt ook met een citaat afkomstig van deze website, HW: 

“About eight in every ten women who have been sexually active will have HPV at some stage of their life. Normally there are no symptoms, and in 98 per cent of cases it clears itself. But in those cases where it doesn’t, and isn’t treated, it can lead to pre-cancerous cells which may develop into cervical cancer.”

Dr. D H

Twee woorden zijn bewust vet gemaakt door de auteur van HW. ‘[…] in die gevallen dat het niet behandeld wordt, kan het leiden tot de ontwikkeling van pre-kanker cellen welke baarmoederhalskanker kunnen veroorzaken.’ Hiermee drukt Dr D H uit dat kanker zich bij een individu kan ontwikkelen, maar dat hoeft niet. Deze uitspraak wordt door HW vervolgens heel anders geïnterpreteerd:

“One must understand how the establishment’s word games are played to truly understand the meaning of the above quote, and one needs to understand its unique version of “science.” When they report that untreated cases “can” lead to something that “may” lead to cervical cancer, it really means that the relationship is merely a hypothetical conjecture that is profitable if people actually believe it. In other words, there is no demonstrated relationship between the condition being vaccinated for and the rare cancers that the vaccine might prevent, but it is marketed to do that nonetheless. In fact, there is no actual evidence that the vaccine can prevent any cancer.”

Bron: HW

De woorden ‘kan’ en ‘kunnen’ zijn woordspelletjes van de gevestigde orde, volgens de auteur van HW. Wat hier volgens HW bedoeld wordt is dat het verband slechts een hypothetsche gissing is waarmee geld verdiend kan worden als mensen er maar in geloven. Sterker nog, volgens HW is er geen verband tussen de infectie met HPV en kanker. Aan het eind van dit artikel wordt ook nog beweerd (zonder bronvermelding) dat het vaccin kankerverwekkender is dan wat het vaccin moet voorkomen. Tot slot word ik als lezer nog even gewezen op dokters die in de jaren vijftig sigaretten roken aanprezen voor gezondere longen.

Terug naar SR. Ik kom eindelijk uit bij de uitspraken waar ik naar op zoek was. In het artikel op HuffPost doet Dr. D H inderdaad een tweetal uitspraken die tegenstrijdig lijken met de uitspraken dat het vaccin veilig is. Deze uitspraken vindt je bij SR onder het kopje 6. D H doubles down (sometimes). Precies deze uitspraken worden gretig omarmd door schrijvers die tegen vaccinatie(plicht) zijn. Ze passen namelijk in de argumentatie dat het vaccin onveilig is.

Het interessante is dat Dr D H eigenlijk doet waar een wetenschapper voor opgeleid wordt. Een genuanceerd verhaal vertellen, erkennen dat de wetenschap nooit honderd procent zekerheid kan bieden, en dat honderd procent veiligheid onmogelijk te garanderen is. Ze wijst telkens op de bijsluiter van de medicatie. Dat wetende beweert ze tegelijkertijd dat het vaccin veilig is en mensen zelf moeten beslissen te vaccineren of niet na het horen van het genuanceerde verhaal. Maar geloof mij niet op mijn woorden, luister liever naar Dr. D H zelf waarin ze, in 2011, dat genuanceerde verhaal vertelt.

Het is nu duidelijk welke rol Dr. D H speelt in de discussie rondom HPV vaccinatie en wat haar standpunten zijn. Tijd om SR weer dicht te doen en terug te keren naar het artikel van CSS.

Wetenschappelijke publicaties verkeerd interpreteren

De volgende bron waar CSS linkt is een wetenschappelijk artikel in de New England Medical Journal. Dit is hetzelfde artikel waar JW naar verwijst. Hierin is de conclusie is dat het vaccin werkzaam is in de groep deelnemers die nog niet besmet zijn met HPV. CSS beweert echter dat de resultaten laten zien dat er helemaal geen effectiviteit is. De methodologie zou verkeerd zijn en dat voor iemand (Dr D H) die nota bene zelf onderzoeksmethodiek heeft onderwezen aan studenten. CSS lijkt zich voor deze uitspraken te baseren op een artikel op GH. Het laatste snapshot van het artikel op GH dat Internet Archive heeft stamt uit 2014. Dit artikel wijst op de groei in het aantal besmettingen onder vrouwen in de leeftijd 20 tot 29 (de ‘Prevalence Ratio’). GH verwijst hierbij naar een tabel uit een andere wetenschappelijk studie. Ik ben niet voor een gat te vangen en heb ook dit wetenschappelijke artikel er maar eens op nageslagen.

De tabel waar door GH naar wordt verwezen blijkt een cruciaal stukje informatie te bevatten dat GH niet vermeld. Alleen in de groep 14 tot 19 jarigen wordt een significant verschil gemeten na vaccinatie. De zogenaamde stijging in de andere groepen is niet significant. Dat wil zeggen, het zijn toevallige schommelingen tussen de groepen die met elkaar vergeleken worden. De afname van HPV infectie onder meisjes tussen de 14 en 19 jaar is juist geen toeval meer te noemen, en dus toe te schrijven aan het effect van de vaccinatie. Sterker nog, de onderzoekers lijken zelfs een hint te vinden in de data dat er groepsbescherming optreedt, maar die conclusie willen ze niet trekken op basis van hun onderzoeksresultaten. Daarvoor is meer onderzoek nodig.

De interpretatie van GH over de cijfers in de wetenschappelijk publicatie is dus niet juist. Daarmee vervalt het argument van CSS dus ook.

Vervolgens uit CSS nog de twijfels over het langetermijneffect van het vaccin, een zorg die Dr D H ook openlijk deelt. Het is een nieuw middel, dus weet je nog niet hoe dat werkt op langere termijn. Overigens is inmiddels uit vervolgonderzoek duidelijk geworden dat bij het 4-valente vaccin (gericht tegen HPV types 6, 11, 16 en 18) hoge antistofniveaus aanwezig bleven tot tien jaar na vaccinatie. (Uit rapport Gezondheidsraad Nr. 2019/09). Maar dat was in 2013, het jaar waarin CSS zijn artikel publiceerde nog niet bekend.

CSS gaat verder. India zou het betreffende vaccin inmiddels verboden hebben, maar daar staat geen bronverwijzing bij. Na wat online speurwerk vind ik daar zelf ook geen bronnen bij. Wel vind ik een artikel dat gaat over de introductie van het vaccin in India in 2009 waarin claims over sterfgevallen in verband met vaccinatie onderuit worden gehaald. En in dit artikel wordt uitgelegd dat vooral de kosten-baten-analyse twijfels brengt voor grootschalige implementatie in India.

De laatste alinea’s van het artikel van CSS roepen op tot verzet. ‘Big Pharma will never get their hands on my son. Not now, not ever!’. Tot slot volgt een oproep tot gebed om ‘onze kinderen te beschermen’ tegen de ‘purveyors’ van het bedrijf dat de vaccins produceert.

De argumenten en mijn bevindingen op een rij

Wat heb ik ontdekt op mijn zoektocht?

Ten eerste dat mijn aanname dat het bericht op Facebook een loopje neemt met de feiten klopt. Ja, er is een meisje van achttien jaar overleden. Dat het meisje is overleden door toedienen van het vaccin is de overtuiging van de moeder van het meisje. De foto’s van de andere meisjes die gebruikt zijn voor het Facebookbericht blijven buiten beschouwing. Wie dit zijn wordt niet duidelijk in het artikel van CSS.

Vervolgens heb ik een pad gevolgd van argumentaties tegen het vaccin.

Het vaccin zou dodelijk zijn. Dat blijkt niet uit de klinische studies. 

Het vaccin zou resulteren in onnodig leed voor 40.000 kinderen. Waar dit hoge aantal vandaan komt wordt niet gespecificeerd, onnodig leed is een vage term en de resultaten van de klinische studies van het vaccin laten zien dat er weinig bijwerkingen zijn.

Het vaccin zou niet werken. Wetenschappelijke studies tonen aan dat het vaccineren wel degelijk besmettingen voorkomt.

Het vaccin zou bijna geen extra kankergevallen voorkomen. Dat klopt, maar alleen voor de groep vrouwen die regelmatig een uitstrijkje laten maken. Er zijn echter groepen vrouwen die dit niet of te weinig doen. Denk ook aan landen waar uitstrijkjes überhaupt niet plaatsvinden.

Het vaccin zou erg duur zijn. De afweging tussen kosten in het hier en nu en baten in de (verre) toekomst is een politieke afweging. Regeringen hanteren hier rekeneenheden voor. De Nederlandse Gezondheidsraad gebruikt in haar rapport de Engelse afkorting QALY, en adviseert opname in het Rijksvaccinatieprogramma.

Met behulp van onjuiste en emotionele argumentatie een politieke discussie willen winnen

Waar het CSS uiteindelijk om gaat is dat hij niet verplicht wil worden zijn eigen kinderen te vaccineren. Het is het argument dat op bijna alle websites die ik bezocht heb in dit onderzoek tegenkom. Dat lijkt mij een redelijk standpunt om te hebben. Ook in Nederland is vaccinatie niet verplicht. Ik kan me goed voorstellen dat wanneer jouw overheid je ineens verplicht je kind te laten inenten met een volledig nieuw vaccin, dit bij jou in het verkeerde keelgat schiet. Dit gaat dus eigenlijk over de vrijheidsrechten van de burger tegenover de zorgplicht van de overheid. Dat is een politieke discussie.

Om vervolgens deze discussie te winnen, construeren de auteurs een argumentatie gebaseerd op misinterpretaties van wetenschappelijk onderzoek en verspreiden vervolgens ongefundeerde verdachtmakingen met een grote emotionele lading, namelijk jonge mensen die overlijden. Door die emotionele lading winnen ze makkelijk aandacht en verspreiden zo op grote schaal onjuiste informatie en brengen daarmee ook mensen aan het twijfelen over HPV vaccinatie die in basis voor vaccinatie zijn. Het bericht op Facebook kreeg zoals genoemd 11.000 reacties, 6100 commentaren en werd 329.000 keer gedeeld. Vergelijk dat met de respons op het interview met Dr. D H op Youtube: 101 reacties (duimpje omhoog/omlaag), 30 commentaren en 13.637 keer bekeken (datum 9 juli 2020). 

Het meest emotionele verhaal wint, ook als het niet waar is.

Nu je dat weet ga ik je helpen je weerstand tegen nepberichten op te bouwen.

De rol van Facebook

Waar ik nooit eerder bij stil heb gestaan is dat Facebook geen optie in z’n emoticons heeft om ‘dit bericht klopt volgens mij niet’ te zeggen. Het enige wat in de buurt komt is ‘boos’, boos dat een dergelijk bericht verspreid wordt. Maar de reactie ‘boos’ zal in dit geval eerder uitgelegd worden dat ik het eens ben met de auteur en boos ben dat dit zogenaamde dodelijke vaccin op de markt is. Alleen door een commentaar te schrijven kan ik kenbaar maken dat ik het niet eens ben met een bericht. Dat is een grote drempel wanneer je weet dat er een hele ‘overtuigingsgemeenschap’ meeleest die ongetwijfeld commentaar gaat leveren op jouw kritische geluid. Het kritische geluid verdwijnt dan weer snel uit het zicht van toevallige voorbijgangers. Facebook faciliteert op deze manier amplificatie van berichten, ook als ze onjuist zijn. Besef je dat.

De anti-virale methode: Leer de signalen herkennen

Een theorie om te voorkomen dat nepnieuws zich verspreid is, grappig genoeg, de ‘inoculation theory’, oftewel de inentingstheorie. ‘Pre-bunking’ wordt ook wel gebruikt als term, als variatie op ‘de-bunking’. Pre-bunking is het zichtbaar maken van methodes, patronen en trucjes die gebruikt worden in berichten met nepnieuws. Door die kennis herken je in de toekomst makkelijker nepnieuws en ben jij niet meer een verspreider van een nepbericht. Door kennis vaccineer je jezelf tegen nepnieuws. Ik deel graag mijn vaccin met je.

Dit zijn de trucjes, mechanismen en waarschuwingssignalen die ik op mijn speurtocht heb waargenomen:

  • Vormgeven als een wetenschappelijk artikel, zonder het te zijn. Het rapport van JW oogt solide en betrouwbaar. Het is opgebouwd als een wetenschappelijk artikel met een inleiding en een analyse. Maar een echte analyse is het niet en er wordt ook een significant deel van de informatie weggelaten, namelijk het deel dat niet past in hun argumentatie;
  • Gebruik van voetnoten. Dit oogt serieuzer, net als in een wetenschappelijk artikel. Vaak blijkt de referentielijst vooral verwijzingen te bevatten naar de eigen website of soortgelijke bronnen. Bijvoorbeeld in het rapport van JW wordt gebruik gemaakt van referenties, maar als je de lijst doorkijkt dan verwijst het naar stukken die niet bijgevoegd zijn, naar artikelen uit de eigen groep en slechts 1 wetenschappelijke publicatie;
  • Linken naar jezelf of gelijkgestemden. Ik had mijn onderzoek met tientallen andere bronnen kunnen aanvullen. Een heel netwerk van gelijkgestemde auteurs linkt naar elkaar en vooral ook naar artikelen binnen de eigen website;
  • Gebruik van oneigenlijke argumenten. Wat ik op meerdere plekken tegen ben gekomen is het argument dat het vaccin maar voor een paar varianten van het HPV virus werkt. “From the manufacturer’s own admission, the vaccine only works on 4 strains out of 40 for a specific venereal disease that dies on its own, so the chance of the vaccine actually saving an individual is about the same as the chance of him being struck by a meteorite.” (Bron) De producent en de onderzoekers zijn hier heel duidelijk over en leggen ook uit waarom. De varianten waarop het vaccin is gericht veroorzaken namelijk verreweg de meeste kankersoorten en meer varianten toevoegen maakt interactie tussen de stoffen in het vaccin onwerkzaam. Die informatie haalt het artikel echter niet;
  • Cijfers verkeerd interpreteren. In het artikel van PRI wordt duidelijk een fout gemaakt in de interpretatie van de cijfers, net als bij de interpretatie van niet-significante getallen door GH. Maar de gemiddelde lezer zal hier niet zo snel vraagtekens bij zetten, zeker niet als ze de auteur zien als een autoriteit op dit gebied. Deze interpretaties gaan zo een eigen leven leiden;
  • Andere, bekende, uitwassen van ‘de industrie’ noemen. Zo werd ik in dit geval gewezen op een ander medicijn dat van de markt werd gehaald, gemaakt door dezelfde producent als het vaccin. Op een andere plek werd verwezen naar artsen die in de jaren vijftig sigaretten promootten. Daarmee wordt de suggestie gewekt dat deze industrie, dit bedrijf, artsen, in het algemeen niet te vertrouwen zijn. Het grootste probleem in de VS is dat dit ook echt het geval was als het gaat om roken. Luister bijvoorbeeld naar deze aflevering van Ologies with Alie Ward waarin Dr. Robert Proctor, professor op Stanford University, vertelt over artsen die tot in de jaren tachtig zwangere vrouwen aanraadden te roken;
  • Claim dat de industrie en de overheid verbonden zijn. “[This Company] has its long financial arm in many state legislatures” en “The authors are all employed by the CDC, which financed the study and actively promotes the [XXX] vaccine” zijn een paar voorbeelden hoe de suggestie wordt gewekt dat overheidsinstanties alleen maar aan het werk zijn voor een marktpartij. Een bronvermelding voor dit soort claims ontbreekt. Het wekt de suggestie alsof het een wetmatigheid is. Dat we dit collectief wel weten;
  • Gebruik van een serieus klinkende naam. Meerdere websites die ik tegenkwam gebruiken termen als ‘instituut’, ‘onderzoek’ of ‘gezondheid’ in wisselende combinaties. Daarmee suggereren deze organisaties een bepaalde autoriteit te hebben en op gelijke voet te staan met bijvoorbeeld het CDC, het RIVM van de VS.
  • Slecht schrijfwerk. Veel artikelen die ik tegenkwam zijn slecht geschreven. Dat is ook niet zo gek, want veel van de artikelen die ik tegenkwam in dit onderzoek zijn geschreven door individuen die waarschijnlijk niet geschoold zijn in schrijfvaardigheid op journalistiek niveau. Dit in tegenstelling tot journalisten en wetenschappers die wel getraind zijn in schrijven.
  • Rommelige opmaak. Denk aan het overmatig gebruik van vette tekst, gekleurde tekst. Links die niet werken (en niet omdat de link niet meer bestaat, maar omdat er een extra http of www voorstaat). Hier zijn amateurs aan het werk!

Wordt een pro-actieve lezer, aarzel met delen

Het belangrijkste wat je kunt doen is jezelf een actieve lezersrol aanmeten. Daarmee bedoel ik dat je berichten eerst verteert voordat je ergens op reageert of iets deelt.

  • Wie: Wie is de auteur van dit bericht? Welke organisatie publiceert dit bericht?
  • Wat: Wat wil deze persoon of organisatie? Welke agenda zouden ze kunnen hebben?
  • Waarvandaan: Wordt er überhaupt naar bronnen verwezen voor bepaalden uitspraken? Naar welke bronnen wordt er verwezen? Zijn die geloofwaardig? Zijn die volledig en juist gequote?
  • Reken na: Kloppen de getallen die gepresenteerd worden?
  • Signaleer: Wordt een van de bovenstaande patronen gebruikt? Heb je een emotionele reactie op wat je leest? Is dat wat de schrijver bewust probeert uit te lokken, om verdere verspreiding te bereiken?
  • Bij twijfel, deel niet

Mijn conclusie en advies aan jou

Het allerbelangrijkste is om te weten dat het emotionele verhaal wint. In het geval van het Facebook bericht waar dit onderzoek mee startte, wordt de dood van jonge meisjes ongefundeerd in verband gebracht met HPV vaccinatie. De dood van jonge mensen is zeldzaam en daarom roept het bij iedereen een sterke emotie op. Zeker bij de ouders van de jongens en meisjes die in de leeftijd zijn waarin een beslissing genomen moet worden over dit specifieke vaccin.

Houd de kennis dat het meest emotionele verhaal wint altijd in je achterhoofd terwijl je iets leest. Als een bericht sterke emoties bij je oproept, moet je je altijd afvragen of dit doelbewust wordt gedaan door de auteur. Emotie verspreidt sneller dan feit en daar maken veel schrijvers op social media handig gebruik van.

Bij de geringste twijfel, deel niet. Heb je een sterke emotionele reactie bij het lezen van een bericht? Vertraag je neiging tot delen. Doe eerst nog even wat onderzoek door verder door te klikken. Of deel het gewoon niet.

Nu nog steeds niet verzadigd?

Dit zijn links naar artikelen die je tijd waard zijn. Sommigen kwamen al eerder voorbij, anderen zijn nieuw.

De wetenschappelijke publicaties die genoemd werden:

Over Inoculation theory:

Over het gebruik van VAERS: 

Bekijk het video interview met Dr. D H ook nog een keer met een andere blik. Ze vertelt namelijk ook over een opmerkelijk verschil in effectiviteit van het vaccin tussen mannen en vrouwen in de studie. Dat toont nog maar eens aan hoe belangrijk het is in klinische studies genoeg diversiteit onder de deelnemers te hebben

Het rapport met advies aan de regering van de Nederlandse Gezondheidsraad over vaccinatie tegen HPV:

Deze aflevering van Ologies with Alie Ward:

En nog een tweetal blogs:

Wordt ook een verspreider van het vaccin

Ik heb dit onderzoek puur op eigen nieuwsgierigheid gedaan. Toen ik begon m’n nieuwsgierigheid te volgen dacht ik er een simpele blogposting over te gaan schrijven. Het werd gaandeweg een artikel van ongeveer 7500 woorden. Je doet jezelf (en mij) een enorm plezier dit artikel te verspreiden onder vrienden en familieleden. Zo help je mee je eigen netwerk te vaccineren tegen nepnieuws.

Eigen inzichten, aanvullingen, extra bronmateriaal, je kunt het allemaal delen hieronder. Een uitnodiging voor een goede bak koffie met een lekker gesprek erbij waardeer ik ook enorm.

0

Een grens overschreden: waarom we Facebook inderdaad moeten verlaten

Sinds een week heeft wat we al wisten een naam gekregen. ‘The Cambridge Analytica Files’ heet het dossier en Facebook staat centraal in het schandaal. De samenvatting: een vertrouwde partner van Facebook heeft een heleboel persoonlijke data gekregen voor wetenschappelijk onderzoek, die partner heeft de data echter ook een commercieel bedrijf binnen gesluisd en met die data is op onvoorstelbaar grote schaal micro-targeting toegepast voor een presidentscampagne in de Verenigde Staten.

De onthullingen van de daadwerkelijke praktijken van het bedrijf Cambridge Analytica zijn onthutsend. Gek eigenlijk, als je bedenkt dat iedereen die Facebook gebruikt, en ook die Facebook niet gebruikt, al lang weet dat dit miljardenbedrijf veel persoonsgegevens heeft. Het is immers een miljardenbedrijf geworden dankzij ons, de gebruikers die vrijwillig data genereren op basis waarvan Facebook segmentaties kan aanbieden aan adverteerders die hun koopwaar graag willen verkopen. We weten het dus wel. Toch, als er dan uit de doeken gedaan wordt hoe deze data door adverteerders wordt gebruikt, schrikken we.

Tegelijkertijd schrikken we niet genoeg. Hoe vaak heb jij vandaag al iets ‘leuk gevonden’? Juist. Ondanks het nieuws ga je door met het voeden van een private organisatie die daardoor weer een beter beeld van je persoonlijkheid krijgt, waarmee ze aan adverteerders kunnen vertellen hoe ze jou het beste kunnen aanspreken, zodat je iets gaat aanschaffen waarvan je niet wist dat je het nodig had. En heb je vandaag ook dat leuke testje gedaan op nametests.com? Wat was jouw donkere kant? Leuk om te lezen hè? Dat was het meer dan waard om je gegevens weg te geven aan deze drie jongens in Duitsland.

Het sociale web draait goed dankzij de adverteerdersmarkt. Jouw data is de verkoopbare waar. Dat weten we. Meestal vinden we dat niet erg, want in ruil daarvoor krijg je een sociaal netwerk waarmee je in contact blijft, met je vrienden, je familie, je collega’s, je buren. Dat we dan vervolgens worden bestookt met advertenties die relevanter zijn dan wat je op de televisie voorbij ziet komen is niet eens zo’n slechte deal. Die status quo van de afgelopen tien jaar is nu uit balans. Ging het tot nu toe vooral om producten van fysieke aard, wordt diezelfde advertentietechniek nu ingezet om je politieke ideeën aan te smeren. Blijkbaar steken we hier een morele grens over.

Ik heb de afgelopen week het onderwerp met een beetje afstand proberen te beschouwen. Ik heb het dossier gelezen en laten bezinken om voor mezelf proberen te duiden of er inderdaad een grens wordt overschreden en waarom dit dan een grens is.

In het veld marketing wordt al heel lang onderzoek gedaan naar menselijk gedrag om die kennis om te kunnen zetten in technieken waardoor mensen eerder geneigd zijn iets te kopen. Persoonlijk heb ik een hekel aan dit werkveld. Ik ben een slechte verkoper. Zodra ik een poging moet doen een ander iets aan te smeren waar ze niet op zitten te wachten, blokkeer ik. In de opleiding ben ik dan ook volledig afgehaakt voor het marketingvak na een college over onderzoek naar de gang van een bezoeker door de supermarkt. Er werd onderzocht hoe de supermarkt meer omzet uit elke klant kon halen. Door bepaalde (meestal ongezonde) producten op plekken neer te zetten waar je psychisch net even wat minder weerstand hebt, koop je meer. Daarom staat er snoep bij de kassa en staan al die verpakkingen met leuke figuurtjes op ooghoogte van de kinderen. Ik vind het ongepast dat een wetenschapper in dienst van een universiteit meewerkt aan onderzoek waardoor een supermarkt meer ongezonde dingen (want meer marge) kan verkopen. Maar dat terzijde.

Ik mag er dan een hekel aan hebben, marketing is natuurlijk ‘big business’ en veel mensen werken vol passie in dit vak. Er wordt veel gemaakt en bedacht in de wereld en daar moeten klanten voor worden gezocht. Kennis opbouwen van potentiële klanten is een belangrijk instrument. Je kunt er je advertenties en andere communicatiemiddelen op aanpassen, waardoor je, als je het goed doet, meer verkoopt (of op z’n minst minder irritatie opwekt). In de jaren negentig, de tijd waarin ik over het vak leerde, was het allemaal nog vrij veel werk om psychologische profielen samen te stellen, maar vandaag de dag is dat dankzij social media op onvoorstelbare schaal makkelijker geworden.

Uit een studie in 2013 bleek al dat je met een heel bescheiden aantal ‘Likes’ van een persoon, een redelijk goed profiel van iemand kunt maken. Computers kunnen beter voorspellen wat je karakter is dan je levenspartner als je het 300 Likes van Facebook voert. In diezelfde studie (uit 2015) schatten ze het gemiddelde aantal Likes voor gebruikers op 227. Hoeveel Likes heb jij gegeven in al die jaren dat je op Facebook zit?

Wat gebeurt er vervolgens als miljoenen gebruikersprofielen, weliswaar op illegale wijze, in handen komt van een organisatie die daar wel eens mee wil experimenteren? Een organisatie die zich bezighoudt met:

“Its expertise was in “psychological operations” – or psyops – changing people’s minds not through persuasion but through “informational dominance”, a set of techniques that includes rumour, disinformation and fake news.” (Bron)

Combineer de doelen van dit bedrijf met de politieke doelstelling van iemand met veel geld, en je hebt de juiste cocktail waarmee je op massale schaal mensen kunt bestoken met boodschappen die jouw campagne ondersteunen. De digitale campagneleider van Trump claimt bijvoorbeeld dat hij 50.000 tot 60.000 varianten van advertenties runde tijdens de campagne. Laat dit getal even op je inwerken. A/B-testen is een bekend fenomeen in marketing. Je publiceert twee verschillende advertenties en vervolgens evalueer je welke variant beter werkt voor welk publiek. Kun je je er iets bij voorstellen dat je deze hoeveelheid variaties kunt testen, elke dag, een jaar lang?

Over een eindeloze hoeveelheid gepersonaliseerde advertenties om mij een product aan proberen te smeren zou ik nog steeds mijn schouders ophalen. Echter, als deze techniek gebruikt wordt om ideeën over de bühne te krijgen, zitten we ineens op een heel ander bord te schaken. In dit artikel wordt het goed verwoord:

“Any candidate using Facebook can put a campaign message promising one thing in front of one group of voters while simultaneously running an ad with a completely opposite message in front of a different group of voters. The ads themselves are not posted anywhere for the general public to see (this is what’s known as “dark advertising”), and chances are, no one will ever be the wiser.

That undermines the very idea of a “marketplace of ideas”, says Ann Ravel, a former member of the Federal Election Commission who has long advocated stricter regulations on digital campaigning. “The way to have a robust democracy is for people to hear all these ideas and make decisions and discuss,” Ravel said. “With microtargeting, that is not happening.”

Heel veel mensen volgen tegenwoordig het nieuws via hun Facebook tijdlijn. Het algoritme van Facebook bepaalt wat je als eerste ziet, en wat je niet ziet. Adverteerders kopen ruimte op jouw tijdlijn. Als adverteerder kun je op die tijdlijn telkens een bepaalde boodschap injecteren, waarmee je mensen een bepaalde kant op stuurt. Herhaling van de boodschap is namelijk ook zo’n oude marketingtechniek. Alleen de boodschap die jij te zien krijgt, is niet dezelfde als die je beste vriendin te zien krijgt, laat staan wat je overbuurman, die al jaren op een hele andere partij stemt dan jij, aan boodschappen voorbij ziet komen.

Al een jaar of vijftien geleden was er onder de eerste groep bloggers behoorlijke discussie over echokamers die ontstonden. Bepaalde mensen vonden elkaar online, vormden communities, al dan niet publiekelijk toegankelijk en hadden het vooral gezellig met elkaar en werden niet meer blootgesteld aan mensen met hele andere ideeën en ervaringen. Dit soort kliekjes ontstaan, omdat mensen graag omgaan met anderen waar ze zich mee verbonden voelen. Je nodigt de buurman die je niet zo aardig vindt ook niet thuis uit. Kom je de buurman op straat echter nog wel eens tegen en groet je hem beleefd, online kun je je volledig wentelen in je eigen groep. Vooral in een communicatiesilo als Facebook zijn mensen dus een makkelijke prooi om te beïnvloeden. Want wie vertelt je dat het anders zit?

Cambridge Analytica speelde op dit platform van echokamers een goor spel met micro-targeting. Met hun illegaal verkregen gebruikersprofielen van Facebook hebben ze gedurende de verkiezingen in 2016 heel bewust psychologische kwetsbaarheden van gebruikers ingezet om zo op basis van het opwekken van angst mensen te overtuigen op ‘hun’ kandidaat te stemmen. Daarvoor gebruikten ze niet alleen advertenties, maar ook een hele collectie van zelfgecreëerde artikelen waarnaar gelinkt werd (fake news). Als je mikpunt was van dit team, werd je gedurende de hele verkiezingscampagne met kleine speldenprikjes de goede kant op geduwd, zonder dat je het zelf in de gaten had. Niet de standvastige stemmers, maar juist de twijfelende kiezers werden aangesproken. Mensen die hun mening nog aan het vormen waren. Als je weet dat uiteindelijk de stem van 79.646 mensen de marge is waarmee Trump heeft kunnen winnen begrijp je dat al die speldenprikjes niet voor niets zijn geweest.

Er is de afgelopen week veel geschreven in de Nederlandse pers, maar alle schrijvers lijken om de kern heen te draaien. Eén woord wordt namelijk stelselmatig vermeden. Een woord dat na de Tweede Wereldoorlog is vervangen door het woord marketing. Wat niemand hardop durft te zeggen is dat deze manier van campagne voeren propaganda is, namelijk het verspreiden van eenzijdige en/of verzonnen informatie om aanhangers voor een gedachtegoed te winnen. Ik kan er niets anders van maken. Tegelijkertijd doet de tactiek me ook erg denken aan die van sektes of loverboys om mensen aan zich te binden. Zoek een onzeker persoon, paai ze met mooie beloftes, om ze vervolgens mee te nemen in een nieuw verhaal waar ze nooit uit zichzelf in zouden geloven.

Ben ik er nu achter waarom we met de onthullingen over Cambridge Analytica een morele grens zijn over gestoken? Ja. Het gaat nu niet meer om meer producten verkopen, maar om propagandatechnieken om je van ideeën te overtuigen. Als het gaat om producten aan de man brengen, heb ik als individu nog een heldere stem in het kiezen voor of tegen aanschaf. Al was het maar omdat mijn inkomen bepaalt hoeveel geld ik te besteden heb aan frivoliteiten als horloges, jurken en schoenen.

Micro-targeting is in de VS (en blijkbaar bij meer verkiezingen elders in de wereld) op geraffineerde wijze ingezet om controle te krijgen over het denken van inwoners. Zonder internet was dat al mogelijk, maar met internet komen daar nog eens een paar aspecten bij. Ten eerste hebben we totaal geen zicht meer op de verschillende boodschappen waar een individu mee bestookt wordt. Ik weet niet wat jij ziet, en jij weet niet wat ik zie. Dezelfde politicus kan jou beloven te investeren in groene energie en mij beloven de energiekosten laag te houden door kolencentrales meer te laten draaien. Ten tweede is de schaal waarop de targeting-technieken toegepast kan worden immens, terwijl de inspanning door automatisering afneemt. Tot slot is op diezelfde schaal een hoeveelheid psychologische profielen beschikbaar waardoor voor elk individu wel een kwetsbaarheid te vinden is waar op ingespeeld kan worden.

Jij en ik hebben ze met elke Like daartoe meer de kans gegeven.

Wat moeten we nu met deze kennis? Cambridge Analytica is in dit verhaal de wolf, maar welke rol speelt Facebook? Het is duidelijk geworden door de artikelen in The Guardian dat Facebook geen zuiver geweten heeft.

Zuckerberg mag dan nu het boetekleed aantrekken, jarenlang hebben zijn medewerkers het blijkbaar niet zo nauw genomen met de eigen regels. Het is en blijft een private organisatie die uiteindelijk zelf bepaalt hoe het met onze data omgaat. Jij en ik hebben daar geen invloed op.

Cambridge Analytica mag dan nu aangepakt worden, even online zoeken en je vindt bedrijven die dezelfde soort diensten aanbieden. De marketingtechniek micro-targeting zal in de komende jaren alleen nog maar verfijnd worden.

Moeten we nu Facebook dan maar massaal verlaten? Ja. Korter kan ik het niet maken.

Ik begrijp heel goed dat veel mensen nog altijd veel waarde halen uit het gebruik van Facebook. Het is de mondiale plek om elkaar te ontmoeten, verhalen te delen, te communiceren. Dat vind ik net zo waardevol als jij. In sommige landen is Facebook Messenger zelfs het enige praktische middel om met mensen buiten de landsgrenzen contact te houden. Tegelijkertijd bepalen we als gebruikerscollectief waar grenzen liggen. Het misbruik van persoonsprofielen door Cambridge Analytica gaat ver, heel ver over een ethische grens en Facebook gaat niet vrijuit.

De onthullingen hebben laten zien wat de consequentie is als mensen met bepaalde bedoelingen dit soort data in handen heeft. We hebben Like voor Like onze ziel bloot gegeven aan een bedrijf, waar onze ziel niet veilig is. Natuurlijk belooft Facebook beterschap en de spelregels zijn sinds deze datadiefstal ook al veranderd. Maar hoe goed Facebook de data vanaf nu gaat beschermen, dergelijke inbreuk op hun eigen spelregels gaat geheid nog een keer gebeuren. Juweliers worden immers ook regelmatig beroofd van hun diamanten. Onze persoonsprofielen zijn diamanten in de handen van adverteerders en daarmee roofgoed.

De enige macht die wij als individu hebben is stoppen met het voeden van het monster. Ik ben zelf al enkele maanden geleden begonnen met het terugtrekken van Facebook. Positief bijeffect is dat ik meer blog. De onthullingen van deze week bevestigen voor mij alleen maar het nut mijn aftocht.

Als we onze gegevens verwijderen uit Facebook, zijn we dan klaar? Nee. Er zijn veel meer bedrijven die onze data exploiteren. Denk alleen maar aan de hoeveelheid data die Google verzamelt. Bedenk ook hoeveel onbekende bedrijven je online gedrag volgen via cookies. Toch denk ik dat er op dit moment geen enkel ander bedrijf is dat zo’n intiem portret van je kan maken als Facebook. De miljarden gezellige echokamers die Facebook faciliteert, maken ons als collectief te vatbaar voor informatievirussen. Deze kamers verlaten is het beste wat we op dit moment voor onze gezondheid kunnen doen.

Het waren leuke en gezellige jaren op ons online festival, maar het is tijd om de slaapmatjes op te rollen, de tenten af te breken en weer verder te trekken. Het is altijd even afkicken na een fantastisch feest, maar er wordt vast weer een nieuw festival georganiseerd waar we onze tent veilig op kunnen zetten en even met elkaar kunnen optrekken. Ondertussen bouw ik mijn eigen bescheiden feestje gewoon hier, op m’n blog.2

RIP Web 2.0 (?)

Als ik tussen de regels van het nieuws lees, dan krijg ik het gevoel dat we een kantelpunt naderen. Web 2.0 staat op het punt van sterven, alleen wij moeten nog even met z’n allen bepalen wanneer we de stekker er uit trekken.

Oud-medewerkers van de grote spelers hebben zich nu zelfs verenigd om te strijden tegen de macht van hun voormalige werkgevers. De winst van een merkwaardige en domme president wordt voor een deel toegeschreven aan de echokamers die door een onzichtbare en schijnbaar oncontroleerbare hand gecreëerd worden. Ik heb het dan natuurlijk over de algoritmes die een bedrijf als Facebook gebruikt om ons het nieuws uit je eigen netwerk te presenteren. Het lijkt erop dat deze onzichtbare hand zich heeft overspeeld en de spelers één voor één besluiten het spel te verlaten. Met bijna anderhalf miljard dagelijkse gebruikers zal het even duren voordat het speelveld verlaten voelt, maar in sommige hoeken van Facebookland dient de leegheid zich al aan. In mijn eigen netwerk bijvoorbeeld.

Ik heb een aantal maanden geleden al besloten Facebook zoveel mogelijk links te laten liggen. Het brengt me weinig waarde meer. De vulling van mijn tijdlijn is onder invloed van algoritmes en leegloop verschraald. Veel advertenties tussen de updates, gepresenteerd alsof iemand in mijn netwerk me dit aanraadt te bekijken of te kopen. Het uitwisselen van interessante links, boeken en artikelen is een kunstvorm die door het gros van de mensen die later aan boord zijn gesprongen niet wordt gebezigd. Het presenteren van je leven is de norm geworden. Begrijpelijk, want we zijn allemaal mensen en we willen allemaal leuk gevonden worden. Ik ben meer van het slag geïnformeerd te willen zijn over het reilen en zeilen van de wereld. Ik kom nu beter aan mijn trekken via de bekende nieuwskanalen dan pak en beet tien jaar geleden. Ook zij hebben ogen en oren gegroeid dankzij de versneller van het web. Ergens een goede ontwikkeling. Een journalist is over het algemeen beter uitgerust om een verhaal te vertellen over een goed dieet dan een zelfverklaarde dieetgoeroe die ook wel eens een boekje heeft gelezen.

Af en toe scrol ik nog even door m’n tijdlijn om een inkijkje te krijgen waar vrienden mee bezig zijn en of er nog interessante artikelen gedeeld zijn. Liken doe ik sporadisch, commentaar geven alleen als ik het echt nodig acht. Om bijvoorbeeld een kennis een hart onder de riem te steken in een verdrietige periode. Inloggen doe ik minder en minder. Facebook ziet dat en stuurt me zelfs mailtjes met een teaser wat ik allemaal wel niet gemist heb. Als ik zo’n mailtje tegenkom in mijn mailbox voel ik mij triest. Niet om wat ik eventueel gemist heb, maar om het getrek van een bedrijf aan mijn aandacht om meer over mij te weten te komen dan ik zelf over mezelf kan bedenken. En daar dan geld aan probeert te verdienen.

Facebook is de plek waar het grootste deel van mijn netwerk, online en offline ontmoet, rondhangt. Twitter heb ik jaren geleden al verlaten. Google’s sociale tak ben ik nooit aan begonnen en LinkedIn gebruik ik nog steeds vooral als een online CV, niet als een plek om verhalen te delen. Dat krijg je als je lid bent van het eerste uur. De mogelijkheden van zo’n netwerk worden uitgebreid en iedereen die later aan boord stapt heeft die functionaliteit als basis, voor mij voelt het nog steeds wezensvreemd om te facebooken in een linkedin-jas.

Flickr is al meerdere keren doodverklaard. Instagram daarentegen floreert als een gek. Ik hield vast aan Flickr, helemaal toen Facebook eigenaar werd van het fotoplatform. Veel nieuwe foto’s voeg ik er niet meer aan toe. Toch is Flickr voor mij nog altijd de beste beeldbank om foto’s te vinden onder Creative Commons licentie om in projecten en artikelen te gebruiken.

WhatsApp heb ik enkelen weken na de overname door Facebook van mijn telefoon verwijderd. Ik wist toen al dat de belofte van de WhatsApp-oprichter dat gegevens niet gedeeld zouden worden met Facebook, een loze was. Ik kreeg gelijk. Nu denken mensen dat ik onbereikbaar ben, omdat ik geen WhatsApp gebruik. Als ik dan zeg dat SMS ook nog altijd werkt moeten ze gelukkig ook heel hard om zichzelf lachen. Tegenwoordig kost dat ook niets meer.

Als twintiger en begin dertiger hing ik nog wel eens met m’n neefje en nichtje in dezelfde online netwerken rond. Die kruisbestuiving tussen generaties is dankzij groepschat en privacyinstellingen om zeep geholpen. Niet erg, want de jeugd heeft het recht op een beetje privacy bij het delen van inhoudsloze en amorele grappen onder elkaar. Gelukkig doen ze dat niet meer op publieke pagina’s van Hyves of hun openbare Twitter tijdlijn. Ook in de online opvoeding zijn we volwassen geworden. In 1998, toen ik voor het eerst een website maakte voor mijn opleiding, waren we er van overtuigd dat we een website nog weer konden verwijderen. Twintig jaar later weten we dat het web niet vergeet. We weten ook hoe een digitaal document zich laat verspreiden op een schaal die we nog niet eerder in de wereld hebben meegemaakt.

Als ik dit zo opschrijf voel ik me een oma die herinneringen ophaalt aan haar jeugd. Het gekke is, dit is niet mijn jeugd maar mijn volwassen leven. Pas op m’n negentiende heb ik voor het eerst iets op het internet kunnen zoeken. Sinds die tijd heb ik alles dat online gebeurde omarmd. Het was alsof ik een zuurstofslang in mijn neus geduwd kreeg en jarenlang interactie-high heb rondgelopen. Ik leerde mensen in andere landen kennen, ik ontmoette ze op conferenties, ik leerde nieuwe vakgebieden kennen, las ineens veel meer interessante boeken, was beter geïnformeerd over de wereld. Ik deelde van alles met heel veel verschillende mensen in de kanalen van het moment. Maar nu, twintig jaar later ben ik me aan het terugtrekken uit diezelfde wereld en ben ik weer terug op het kleine eilandje waar ik begonnen ben: mijn blog.

Ik ben nog steeds overtuigd van de waarde van ervaringen en verhalen delen, maar het voelt ook wel een beetje eenzaam in mijn eigen ruimte. Het grote publiek zit nog altijd bij de voorstelling van Facebook. Ik heb de voorstelling verlaten en sta nu bij de uitgang visitekaartjes uit te delen. Ik ben weer terug in Speaker’s Corner op een koude regenachtige dag. Het spaarzame potentiële publiek heeft de handen diep in de zak gestoken en verbergt de neus in de sjaal. Als het publiek er niet meer is, dan ontbreekt het gesprek en het open gesprek was ooit het startpunt van mijn ontdekkingsreis naar het sociale web. Al lange tijd verlang ik terug naar die gesprekken: inhoudelijk, open, werelds. Ze werden ondergesneeuwd door foto’s van katten en kinderen. Vele malen schattiger en makkelijker te liken.

Ik ben niet de enige die Facebook verlaat. Zo ben ik geïnspireerd geraakt door de beslissing van mijn vriend Peter Rukavina (woonachtig in Canada) om de deur naar Facebook definitief dicht te gooien. Ik moet zeggen, sinds die tijd hebben op regelmatig even een korte uitwisseling vie e-mail. En zal ik je eens wat verklappen? Het contact voelt veel warmer dan een icoon onder een bericht.

Zoals ik het interpreteer sterft het sociale web zoals we dat nu kennen een langzame dood. Teveel mensen zijn klaar met de onzichtbare hand die manipuleert wat je wel en niet te zien krijgt. Je kunt met je eigen dagelijkse leven niet opboksen tegen het gepolijste vrolijk gefilterde leven van honderden online vrienden. Je eigen worsteling zie je wel, die van een ander wordt bewust voor je verborgen. Inmiddels wijzen eerste onderzoeken uit dat het de psyche van een mens kan schaden.

We wilden toch alleen maar met vrienden kunnen kletsen en foto’s van de kinderen delen onafhankelijk van plaats en tijd? Facebook heeft aangetoond dat er een diepe menselijke behoefte is aan een ruimte tussen het privégesprek en de publieke ruimte. Genoeg mensen maken zich zorgen over de macht van de grote spelers. Ik verwacht dat de komende paar jaar veel meer mensen zich gaan terugtrekken in kleinere online gemeenschappen. In mijn kringen wordt er al lange tijd gesproken over gedistribueerde modellen als Diaspora. Volgens mij zijn we dicht bij het kantelpunt dat investeren in je eigen netwerk, vrij van manipulatie om financiële doelstellingen van aandeelhouders te moeten halen, gaat lonen. Mensen zijn meer en meer bereid afscheid te nemen van wat er is en zijn op zoek naar nieuwe plekken om rond te hangen.

Ondertussen blijf ik gewoon bloggen, zoals ik al een jaar of zestien doe. Fanatieker dan voorheen en iets minder persoonlijk dan ik op Facebook zou doen. Met een open hart en open blik zoek ik offline en online naar verhalen die ik de moeite waard vind om te delen. Ik hoop dat er af en toe iemand aanwaait waarmee een goed gesprek onder miljoenen ogen ontstaat.0